Logo

De leerladder

“Die toets was veel te moeilijk!”
“Dat hebben we helemaal niet besproken in de klas!”

Herken jij deze uitspraken of heb jij zelf ook wel eens zo’n uitspraak gedaan?
Heb jij het ook wel eens meegemaakt, dat je je helemaal suf leert, maar dat je tijdens de toets niets meer weet? Jij hebt geen idee wat er dan tijdens het leren is misgegaan.

Tijdens het leren neem je kennis op die je uiteindelijk wilt toepassen, maar tussen het opnemen en het toepassen van leerstof kan je veel struikelblokken tegenkomen. Het is handig om te weten hoe je met die struikelblokken om moet gaan. In deze blog volgen vind je een aantal tips.

Kijk maar even naar deze foto. Leren is net als het beklimmen van een ladder, of zoals in dit geval een trap... je klimt langzaam omhoog. Leren doe je namelijk in stapjes en met elke stap ga je een trede omhoog. Daarom noemt men dit de leerladder.

1

De eerste trede op de leerladder is binnenkomen. De stof moet eerst in je brein binnenkomen. Dit is een voorwaarde voor het leren. Als je bijvoorbeeld in de les niet luistert naar je docent, komt de stof niet binnen en kan je de uitleg ook nooit onthouden.

Daarna moet je de stof ook begrijpen. Dat is de tweede trede op de leerladder. Je kan bijvoorbeeld wel goed luisteren naar iemand die iets uitlegt, maar als diegene een andere taal spreekt, begrijp je de uitleg niet. Je kan dan dus ook niets leren. Je begrijpt iets als je op zoek gaat naar de betekenis van iets en als je het totaaloverzicht hebt en de verbanden ziet.

Vervolgens moet je de stof ook nog onthouden. De derde trede op de ladder. Als je de stof niet onthoudt, kan je de vragen op de toets ook niet beantwoorden. Hierbij is het heel belangrijk dat je de stof herhaalt. Plan die momenten ook in je agenda. Laat je ook overhoren of zoek een sparringpartner om over de stof te praten. Door anderen te vertellen wat je weet, onthoud je nog veel beter.

Als laatste moet je de geleerde stof ook nog kunnen toepassen. Het is belangrijk dat je oefent met wat je geleerd hebt. Maak oefenopgaven en controleer of je die goed hebt gemaakt. Je loopt dan misschien tegen problemen aan. Dat kun je beter in de voorbereiding hebben dan tijdens de toets. Het maken van oefenopgaven is de beste manier om te leren leren.

Deze vier fases doorloop je dus tijdens het leren. De stappen worden constant herhaald. Je kan een trede hoger komen, als je de trede daarvoor goed hebt afgerond. Ben je benieuwd wat je kan doen, om de treden elke keer succesvol af te sluiten en steeds opnieuw te doorlopen.

Check dan hieronder onze leertips!!!

2

Leertips:

Binnenkomen:
Als informatie niet binnenkomt, kan je ook niets leren. Dit is afhankelijk van je concentratie, je werkhouding en je studieomgeving.

Tip 1: Concentratie betekent dat je je aandacht voor langere tijd vast kan houden. Om je aandacht goed vast te houden, is het belangrijk dat je je maar met één taak bezighoudt. Dan werkt je brein het beste en komt de informatie binnen.

Tip 2: Verhoog je concentratie dus door prikkels buiten te sluiten. Het is ook belangrijk dat je niet afgeleid raakt door bijvoorbeeld een telefoon, andere gedachtes, een geluid buiten enz.

Tip 3: Zorg voor een opgeruimd bureau. Een overzichtelijke studieplek is fijn, dus leg alles wat je nodig hebt klaar, de rest ruim je op.

Begrijpen:

Als je de betekenis begrijpt hoef je het niet meer uit je hoofd te leren. Om het totaaloverzicht te zien, is het belangrijk om soms afstand te nemen. Afstand neem je door bijvoorbeeld gebruik te maken van de Romeinse kamer of een mindmap.

Tip 1: De Romeinse kamer is een ezelsbruggetje om verbanden aan te brengen. Je moet de dingen die je wilt onthouden koppelen aan meubelstukken en andere elementen in een kamer die je goed kent.

Tip 2: Een mindmap maken zorgt ervoor dat de verbanden duidelijk worden en dat de hoofdzaken van bijzaken gescheiden worden. Daarnaast krijg je een goed totaaloverzicht. Mindmaps zijn prettig om naar te kijken en nodigen uit om te herhalen.

Onthouden:

Denk maar even aan een usb stick. Op de USB stick sla je dingen op en die informatie kan je steeds terughalen. Met de derde leerladder sla je een brug naar het verleden, naar kennis die je al hebt.

Tip 1: Zintuigen, uitzonderingen en herhaling helpt bij het onthouden. Gebruik je al je zintuigen bij het leren, dan kan je beter onthouden.

Uitzonderingen onthouden wij altijd, omdat dit speciale gebeurtenissen en wij speciale dingen meteen opslaan in ons geheugen. Herhalen is net als veel trainen. Als je goed kan voetballen, kom je ook niet zomaar in het eerste team. Bij het leren werkt dit net zo. Herhalen heeft sowieso zin, maar je moet je het slim aanpakken.

Tip 2: Naast herhalen heeft ook overhoren zin. Het is wel nuttig om jezelf vragen te stellen over de leerstof. Door aan andere te vertellen wat je weet, wordt de kennis nog dieper in je geheugen opgeslagen. Je kan ook gebruik maken van een overhoringsprogramma.

Tip 3: Wissel maak- en leerwerk af.

Toepassen:

Als je iets weet, moet je dus ook nog weten wat je ermee moet doen. Als je wil weten of je taart die je gebakken hebt, gelukt is, moet je hem opeten. Dit werkt dus ook met het leren zo. Je kunt je super goed voorbereiden, maar als je geen antwoord kan geven op de vragen, heb je een probleem.

Dit probleem voorkom je door te oefenen

Tip 1: maak oefenopgaven om te kijken of je de stof beheerst.

Tip 2: leer voor het slapen gaan, dan wordt de stof extra goed verankerd in het brein.

Bron:
John Cliteur, Leer Leren. 2017

Direct aanmelden